zaterdag 28 april 2012

Achter d'r aesem

 Voor wie het niet wist - kerktorens zijn altijd het eigendom van de burgerlijke overheid en niet van het kerkbestuur, die de scepter (en het onderhoud) mag voeren over het kerkgebouw. Deze regel dateert al uit de Franse tijd, toen Napoleon kerk en staat streng scheidde. De reden om de toren tot burgerlijk eigendom te maken had alles van doen met de tijd: Kerktorens hadden in de 18e eeuw en ook nog daarna een belangrijke openbare functie, die losstond van de kerkdiensten, vond ik op internet. Zo werden de klokken gebruikt bij rampen, zoals brand of watersnood of om belangrijke evenementen aan te kondigen en fungeerde de toren als vuurtoren, gevangenis of uitkijkpost. Met de Staatsregeling 1798 heeft men daarom willen bewerkstelligen dat de kerktorens eigendom zouden blijven van de burgerlijke overheid.
 Dat kerktorens tegenwoordig vaak niet toegankelijk zijn, heeft, denk ik, niet direct met eerder genoemde functie te maken, wel met toegankelijkheid en verantwoordelijkheid. Tijdens Koninginnedag en Bevrijdingsdag, of op kermissen, dorpsfeesten of braderieën zijn dit soort kerktorens soms open voor publiek, die voor één euro de toren mag beklimmen. Als ik de kans krijg ga ik graag even omhoog ............
Nu weet ik dat mensen gefascineerd zijn door het uitzicht, al speelt het overwinnen van een zekere angst hier ook en rol .. hoogtevrees. Dat holle gevoel in je buik, hebben we allemaal wel eens gevoeld. Door veilig op zo'n hoog uitzichtspunt te klimmen schijn je dat te kunnen overwinnen, zonder meteen bijvoorbeeld de leien te hoeven repareren of het haantje van de toren en site op de wind te zetten - ook hoef je niet langs de buitenkant terug ..... abseilen noemen ze met gevoel voor understatment ... d'r af flikkeren noem ik dat!  
 Zo'n aangepast blikveld, zo'n bijzonder perspectief, zijn allemaal elementen die ons fascineren, waarschijnlijk omdat we niet zoals een vogel zelf kunnen vliegen .............. Ik geniet niet alleen van het uitzicht, maar vaak ook van de onbekende plekken, die ik op weg naar de torentrans tegen kom. Soms zijn zulke torens opslagplekken van de gemeente, vol spinnenwebben, verwaarloosde zoldertjes, die dienen voor opslag, maar soms, zoals bij de karakteristieke middeleeuwse St. Maartenkerk van Baarland, waan je je in een middeleeuwse toren ( wat het in feite ook is), die behoort bij een middeleeuws kasteel (en dat klopt weer niet).
 
 
De dikke muren, de stevige houten zolderbalken en de wenteltrap ..... alles ademt de sfeer van die tijd.  Halverwege de toren van Baarland is een ruimte met van die kleine raampjes, die me, qua grootte en uitstraling, deed denken aan een vroeg middeleeuwse donjon, zo één met een verhoogde toegang, zodat de vijand er niet binnen kon, als de ladder weggehaald was. Een plek waar je je waant in een langvervlogen tijd .... waar het wapenschild van Jan van Renesse zich staande houdt dankzij een ragfijn netwerk van spindraden, naast zijn helm en borstkuras, die tegen de van kloostermoppen opgetrokken wanden tegen de corrosie vechten - waar het gesteun en gehijg van de strijders, die langs de nauwe wenteltrappen zich een weg omhoog vechten, nog vaag hoorbaar is ..........., maar er blijken geen ridders omhoog te komen, maar een bejaard echtpaar, die hun paard beneden aan de toren geparkeerd hebben en nu, achter d'r aesem, het hoogteverschil overbruggen en hopen hun blikveld te verruimen ....... geen ridders op paarden, maar electrische fietsen met bejaarden .... 't scheelt niet alleen een paar letters, maar ook een vijftal eeuwen! 

Hans Koert
slikopdeweg@live.nl
Twitter: #slikopdeweg  Feesboek: Slik op de Weg

SlikopdeWeg: De dagelijkse Zeeuwse blog over de Schelderegio en haar bewoners

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen